Hoe wijzig het type van de interactieve grafieken?

 

U kan het type van de grafiek makkelijk aanpassen. Er zijn zeven stijlen om een grafiek voor te stellen.

De eerste focus van een grafiek ligt op het koersverloop. Elke grafiek bestaat uit een basisaandeel. Een basisaandeel is eenvoudigweg de koersgegevens van een aandeel. De grafiektool ondersteunt zeven verschillende weergavestijlen voor koersgegevens. Elk van deze stijlen gebruikt een of meer van de vier basisonderdelen van koersgegevens, namelijk open, hoog, laag en slot. Elk van de zeven stijlen vertoont unieke verschillen die op verschillende manieren kunnen worden geïnterpreteerd.

    • Lijngrafiek

      De intraday en historische gegevens vormen ondersteuningspunten voor de lijn in klassieke lijngrafieken. De punten zijn rechtstreeks met elkaar verbonden.

    • Trapgrafiek

      De intraday en historische gegevens vormen ondersteuningspunten voor de lijn in trapgrafieken. De punten zijn trapsgewijs met elkaar verbonden.

    • Staafgrafiek

      Bij staafgrafieken wordt een verhandelingstijdseenheid (in dit voorbeeld: een dag) voorgesteld door een verticale lijn. De lengte geeft de volatiliteit van het aandeel binnen deze verhandelingstijdseenheid aan. Naast de schommelingsmarge(hoog en laag) worden ook de openings- en slotprijzen getoond (een korte horizontale lijn links of rechts van de verticale lijn).

    • Kandelaars

      Een variant van de staafgrafiek is de kandelaargrafiek. De verticale lijn in een kandelaargrafiek verbindt het hoogste en laagste punt binnen een verhandelingstijdseenheid. De spreiding tussen de openings- en slotkoers wordt met kleur evenals met een dikkere weergave (kaars) benadrukt. Indien de slotkoers hoger dan de openingskoers is, is de kaars groen en in het omgekeerde geval rood.

    • Oppervlaktegrafiek

      In oppervlaktegrafieken (berggrafieken), die op dezelfde manier als lijngrafieken worden gevormd, vormen de slotprijzen (van de dag) een lijn. Het koersniveau wordt visueel ondersteund door de oppervlakte onder de curve te kleuren, wat de indruk schept van een bergketen waarvan de toppen de koerswaarden zijn.


    • Kolomgrafiek
      Kolomgrafieken worden op dezelfde manier als lijngrafieken opgebouwd; de afzonderlijke koerswaarden zijn echter niet door een lijn met elkaar verbonden maar worden voorgesteld door kolommen van dezelfde hoogte.


  • Spreidingsgrafiek
    Spreidingsgrafieken worden op dezelfde manier als lijngrafieken opgebouwd, maar de afzonderlijke koerswaarden (punten) zijn niet door een lijn met elkaar verbonden.

Opmerkingen